Rooms with a view: Rijnstrangen Beyond Ruimte voor de Rivier

Rooms with a view: Rijnstrangen Beyond Ruimte voor de Rivier

Verslag: Veronique Hoedemakers

Binnen het symposium Ruimte denken bestaat een van de middagprogramma’s uit een parallel programma. Daarin worden best practices gepresenteerd van samenwerkingen tussen opdrachtgevers en vrijdenkers. Kunstenaar Matthijs Bosman presenteert het project Rijnstrangen, beyond ruimte voor de rivier.

Het Rijnstrangengebied ligt in de buurt van Lobith en wordt ook wel de navel van de Rijndelta genoemd. Het is zeer waarschijnlijk dat dit gebied in de toekomst een retentiegebied wordt. Want in het jaar 2100 moet er 18.000m3, oftewel 18 miljoen liter water per seconde, door de Rijn stromen. Dit is 2.000 m3 meer dan in het kader van Ruimte voor de Rivier wordt gerealiseerd. Al dat water vormt een bedreiging voor de Nederlandse Delta. De noodzaak voor een retentiegebied is dus hoog en een van de meest voor de hand liggende locaties daarvoor is Rijnstrangen. De urgentie: eind dit jaar adviseert Provincie Gelderland de Deltacommissie over het inzetten van Rijnstrangen als detentiegebied.

Een groep ontwerpers, planologen, politici en kunstenaars boog zich over de kwestie. Ze spraken af dat kunst niet achteraf zou worden ingezet als ‘kers op de taart’ maar al vroeg in het proces. Het project Rijnstrangen heeft het karakter van een denkoefening, het is een experiment. Jeroen van Westen, Ronald Rietveld en Matthijs Bosman vroegen zich af of het slecht nieuwsgesprek met de bewoners en gebruikers  al was gevoerd. En zo niet, hoe dat dan vorm moest krijgen.  Matthijs Bosman: “De vraag is, accepteer je dat jouw bedrijf of land onder water komt te staan? Het doel van onze boodschap is dat je het probleem tot iets positiefs ombuigt en zorgt dat je een nieuwe toekomst kunt bieden.”

De centrale benadering in het project is de menselijke beleving. Die begon al tijdens het onderzoek van de kunstenaars toen zij merkten dat bewoners glunderend over vroeger vertelden. Als het hoog water was dan roeide men van de terp naar de dijk om daar met de fiets naar school te gaan. “Bewoners en gebruikers van het gebied moeten tijd en ruimte krijgen om zelf oplossingen te bedenken en zij moeten de middelen krijgen om hun plannen uit te voeren”, vertelt Bosman. “De bewoners in het gebied gaan straks op onzelfzuchtige wijze overstromingen voorkomen. Zij krijgen dus een iconische waarde. Zij worden de helden van Nederland, in de strijd tegen het water door te gaan leven met het water. Welke gereedschapskist kun je ze dan meegeven om hun zelfredzaamheid te faciliteren en om zo met het water te kunnen leven?” Enerzijds is dat een fonds, anderzijds is het een positieve houding ten opzichte van het gebied. Je kan toestaan dat het ‘gekraakt’ wordt, dus dat mensen er mogen blijven wonen en werken behalve als het onder water staat. 

De reacties

Jacqueline Verhees merkt op dat kunstenaars in dit project een heel andere rol hebben dan we doorgaans gewend zijn.

Maaike Bos vraagt zich af wat de meerwaarde van de kunstenaar is. Sonja Seuren, programma leider van Provincie Gelderland, licht het toe. “De overheid kan zelf een akelige boodschap niet vertellen. Matthijs heeft een andere aanvliegroute genomen.”

Matthijs: Het is altijd lastig om deze vraag te beantwoorden omdat je dan in een kosten-baten discussie belandt. Maar als je naar historische mijlpalen kijkt, dan zijn we die waardevol gaan vinden, hoewel ze zich destijds buiten de kaders bevonden. De Eiffeltoren bijvoorbeeld. Toen die net gebouwd was vonden mensen hem erg lelijk. 

Vraag: Is het wel een probleem?
Matthijs: Jawel. Het is een kostenprobleem voor de agrarische ondernemer.

Vraag: Wat is er dan concreet ontwikkeld? Een toolbox, of een systeem?
Matthijs: We hebben nog geen definitieve plannen bedacht maar wel een toolbox om de denkoefening mee door te zetten. We denken namelijk aan een fonds. Wij hebben zelf het scenario als volgt geschetst. Als je ondernemer in dat gebied bent, dan zou je de volgende stappen willen nemen. De eerste is dat je het A-Team wilt bellen. Oftewel: een groep van dienende experts die je gaan helpen. Zij proberen bijvoorbeeld om je bedrijfsprofiel en je netwerk om te vormen. De tweede stap is dat je een revolverend fonds opricht dat haalbare plannen financiert. Als die plannen eenmaal draaien dan vloeien de opbrengsten terug in het fonds. Met dat geld kunnen experimentele plannen gefinancierd worden. Stap drie is de anti-kraak constructie.

Anne Reenders: Wat is de status van het project?
Matthijs: We hebben geïnspireerd en zijn klaar voor een volgende fase. Maar het is nu aan de opdrachtgever om daarover te beslissen.

In vergelijking met een vermogensfonds is een revolverend fonds meer gericht op financieren in plaats van subsidiëren. Zoals leningen tegen een lage rente. Rente en aflossingen vloeien weer terug in het fonds en zijn beschikbaar voor nieuwe investeringen. De betrokken partijen zetten hetzelfde geld meerdere malen in en kunnen daardoor meer doelstellingen verwezenlijken.